Een blikseminslag vernielde in 1804 de spits met een hoogte van 13 meter alsook 2 van de 4 hoektorentjes. De spits werd niet meer in zijn oorspronkelijke staat hersteld maar vervangen door de huidige peperbusspits.
In de eerste helft van de 19de eeuw werden nieuwe portalen en een sacristie gebouwd.
Een zeer belangrijke restauratie werd tussen 1889 en 1912 uitgevoerd met vervanging van een deel van het meubilair in neogotische stijl.
In 1894 werd de beiaard van het stadhuis naar de kerk overgebracht.
Spijtig genoeg werd in 1918 op het einde van WOI de kerk zwaar toegetakeld zodat een nieuwe ingrijpende restauratie zich opdrong.
Meer over Oudenaarde tijdens en vlak na WOI ...
De kerk bezit een schat aan beeldhouwwerk, houten en stenen polychromiebeeldjes, historische wandtapijten en schilderijen (van o.a. Simon de Pape en Caspar de Craeyer). In de kerk zijn er 14 kapellen die een variatie aan houten en marmeren altaren bevatten. De kapellen zijn opgericht ter ere van een heilige, vaak de patroonheilige van een gilde.
Eeuwenlang stonden kleine huisjes rond de kerk. In 1964 werden deze afgebroken met uitzondering van de twee huisjes nu gekend als de Carillon.
In 1526 kreeg Adriaan Detemmerman de toelating om een houten huisje te bouwen aan de Steenen Man, aan de koormuur van de kerk. Dit zou wel eens het eerste huisje rond de kerk kunnen zijn geweest. |
|
 |